SMART

Nederlanders hebben de afgelopen eeuwen veel slimme manieren bedacht om het maximale uit onze beperkte landbouwgrond halen. Ook hebben we geleerd om samen te werken met onze buren, al was het maar omdat ze vaak zo dichtbij wonen. Deze open en ondernemende houding heeft tot veel landbouwinnovaties geleid die ons tot de top van de internationale landbouwwereld hebben gebracht. Slim omgaan met grond en grondstoffen zit in ons DNA.

We bedenken nog steeds nieuwe manieren om op duurzame wijze méér uit onze grondstoffen te halen. Met nieuwe analysetechnieken kunnen we vanuit de lucht kijken waar er precies gemest is, waar de planten ziek zijn en of er nog moet worden bewaterd. Zo kunnen we met data driven farming veel meer voedsel produceren per vierkante meter. Ook geeft dit soort data ons meer inzichten om sterkere gewassen te kunnen kruisen die bijvoorbeeld het steeds extremere weer kunnen overleven.

De moderne boer wordt tegenwoordig ook geholpen door allerhande mechanische knechten. Deze robots nemen heel wat werk van de boer uit handen, waardoor deze weer de tijd heeft om zich te focussen op andere klussen die op een boerderij gedaan moeten worden. Robots geven ook keuzevrijheid aan de dieren; deze bepalen zelf wanneer ze gemolken worden of wanneer ze voedsel krijgen. Robots en mensen werken samen voor een slimmer en efficiënter boerenleven.

Designer

Deelnemers

Sietske Klooster

Industrial Designer
MelkSalon
“Ik ben als Industrial design engineer opgeleid om industriële massaproducten te ontwerpen. Maar onze industriële massa-groei kent grenzen. We willen en kunnen niet meer groter en bulkier. Nieuwe slimme technologie stelt ons juist in staat om differentiatie aan te brengen. Niet meer een product voor de massa, maar erkennen dat de natuur oneindig complex is en dat juist tot een kracht maken. Je kunt met slimme meters precies herkennen wat de kwaliteiten zijn van de melk van individuele boeren. Nieuwe technologie stelt ons in staat dit te interpreteren en een vertaalslag naar de consument te maken. Dankzij deze differentiatie kunnen we een slimmer en duurzamer voedselsysteem te ontwerpen.”

Als je het Nederlandse akkerlandschap vanuit de lucht bekijkt, verbaas je je over het vernuft binnen de akkerbouw. Elke centimeter lijkt efficiënt en resultaatgericht te worden gebruikt. De Eindhovense dronefabrikant Avular (een spin-off van de Technische Universiteit Eindhoven) en machine-visionexpert Aris hebben de handen ineengeslagen om te kijken of dit daadwerkelijk klopt.

Met de Precision Scout, een quadcopter (zo genoemd omdat het vier propellers heeft), kan heel precies vanuit de lucht worden bekeken of de boer zijn landbouwgrond efficiënt gebruikt. De drone ziet het bedekkingspercentage van de grond, de grootte van het gewas, de kleur en allerhande afwijkingen. De boer weet zo of er goed bemest is, of er onkruid aanwezig is en of er misschien een gewasziekte de kop op steekt.

Het meten van deze kenmerken maakt het makkelijker om snel gewassen met goede eigenschappen te selecteren. Dankzij ogen in de lucht kunnen we straks meer voedsel verbouwen.

Consumenten willen steeds meer weten van de boer als het gaat om hun voedsel. Is het gezond, veilig en verantwoordelijk geproduceerd? Deze belangrijke vragen moeten beantwoord worden maar creëren veel papierwerk voor boeren. Zelfs in deze digitale tijd worden alle zaken als duurzaamheid en voedselveiligheid benaderd met papier en traditionele vragenlijsten.

Agriplace vermindert de administratieve lijsten van de boer door data, foto’s en documenten makkelijker te integreren in een versimpeld certificeringproces. Deze documenten worden dan makkelijk gedeeld binnen de toezichtsgemeenschap die checkt of de boer zich aan de verschillende standaarden rondom gezondheid, veiligheid en productie houdt. Onlangs heeft Agriplace deze processen tussen boer, toezichthouder en retailer nog efficiënter gemaakt: certificeringsinformatie wordt direct in de cloud gedeeld en herhaalinformatie, een terugkerend issue voor alle stakeholders, is geen probleem meer.

In de toekomst kan de boer zijn informatie met iedereen delen, ook met de consument. Ook kan een gedetailleerde back office makkelijk en goedkoop data delen met andere datasystemen zoals drones. Agriplace verbetert de transparantie voor de consument en de certificering voor de boer.

Melken was eeuwenlang een tijdrovende en repetitieve bezigheid voor de boer en koe. Toen de melkrobot kwam werd het melken sneller en veiliger. Een onverwacht positief bijeffect was dat de koe zich een stuk lekkerder ging voelen.

Door het loslaten van het menselijke ritme om tweemaal daags alle koeien te melken, kan elke koe haar eigen ritme bepalen. Daardoor gedragen ze zich veel natuurlijker. De koe is rustiger en gezonder, en presteert beter. Simpelweg omdat ze zich beter voelt.

Lely is aan de slag gegaan om nog meer slimme robots te ontwerpen voor boer én koe. Deze robots zorgen nu ook voor een schone stal en smakelijk vers voer. Daarnaast leveren nieuwe sensoren waardevolle informatie over iedere koe. Zo kan de boer op tijd actie ondernemen om te voorkomen dat een koe ziek wordt. Door dit zogeheten ‘precision farming’ krijgen melkveehouders ruimte om hun dieren nog meer vrijheid te geven.

In de media is iedereen gefocust op de komst van de zelfrijdende auto, maar in de landbouw zijn er al lang. Robottractoren kunnen nu al zelfstandig taken uitvoeren zoals bemesten, maaien en zaaien. Ook door precies te irrigeren of bemesten waar nodig, en alléén daar, verspillen we minder grond(stoffen). Bovendien neemt de kwaliteit van het gewas toe; dit is goed voor de boer én voor ons.

De robots van bedrijven als Precision Makers hebben ook een meerwaarde bij taken die voor de mens te lang duren, te gevaarlijk of te duur zijn. Daarnaast kunnen taken soms op een beter moment gedaan worden, zoals ’s nachts.

De enorme groei van de wereldbevolking en de vermindering van de hoeveelheid landbouwgrond maken deze omslag essentieel. Als de boer van weleer verandert in een precision farmer kunnen we de hele wereld blijven voeden.

Veel boeren in opkomende economieën hebben moeilijk bereikbare landbouwgrond: hoog in de bergen, verspreid over percelen, of door een regenbui afgesneden van de weg. Voor informatie over regenpatronen, de bemesting van hun veld en de kwaliteit van hun gewassen, zijn deze boeren vaak afhankelijk van satellietenbeelden. Deze zijn helaas niet heel fijnmazig, waardoor de kleine boer er niet zoveel aan heeft.

Voor deze boeren zijn de drones for food van Wagening UR een uitkomst. Ze kunnen overal komen en veel data meten en verwerken, en deze daarna in relevante informatie omzetten. Hierdoor kan de boer bemestings- en bestrijdingsmiddelen op de juiste plek in de juiste hoeveelheid toedienen. Dat heeft minder impact op de omgeving, en is goedkoper.

De drones onderscheiden zich van anderen omdat van Wageningen UR kon experimenteren met efficiënte data-analyse. Daardoor krijgt de boer snel zijn informatie, zodat hij weer aan het werk kan.

Doordat boeren aan het begin van de voedselketen staan, zijn ze onmisbaar als we praten over oplossingen voor onze voedselproblematiek. Ze hebben grond, boerenslimheid, en vaak ook eeuwenoude wortels in de regio. Hierdoor hebben ze ook de maatschappelijke positie en gunfactor om innovatieve doorbraken te realiseren.

De ‘Future Farmers’ van de Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie (ZLTO) bedenken oplossingen die onze wereldvoedselvoorziening verbeteren. Niet alleen grootse vergezichten, maar ook praktische, duurzame en efficiënte oplossingen zoals zilte zeegroenten, groene medicijnen en precisielandbouw.

Nederlandse boeren nemen ook internationaal een speciale positie in. Omdat Nederland voorop loopt in landbouwtechniek, zijn onze regio’s de kraamkamers van Europa. Wat we hier zaaien kunnen we met onze Europese partners oogsten. ZLTO zorgt ervoor dat deze zaadjes de tijd hebben om uit te groeien tot nieuwe oplossingen voor nieuwe uitdagingen.

We produceren meer dan genoeg voedsel om de hele mensheid te kunnen voeden. Helaas worden miljoenen tonnen voedsel per jaar verspild, in de oogst of in het verwerkingsproces. Met slimme robots kunnen we flink bijdragen aan de vermindering van voedselverspilling.

The Quality Phemonics Robot van Wageningen UR inspecteert landbouwproducten met een 3D-sensor die zowel een laser- als infraroodcomponent heeft. Hiermee kan kwaliteitsvermindering in de voedselketen na het oogsten goed worden geregistreerd en voorspeld, zonder dat de producten door dit proces worden aangetast.

Dankzij deze robot krijgen we ook steeds meer inzicht in de genetica en de verschijningsvorm van de landbouwproducten die we scannen. Wageningen UR deelt dit met wetenschappers over de hele wereld. Zo krijgen we sterkere en veiliger groente, fruit en andere gewassen. En dankzij de stabielere oogst krijgen wij een stabielere voedselvoorziening.